De ontdektafel

ARFID of selectief eten: wat is het verschil?

Wat de term betekent, waarin hij verschilt van kieskeurig eten en wanneer je er met je kind niet mee moet blijven zitten.

Leestijd ongeveer 6 minuten

Een jongen van een jaar of vier zit met zijn rug naar de camera aan de keukentafel. Voor hem staat een bord met een paar stukjes pasta en daarnaast een schaaltje dat onaangeroerd is.
Drie stukjes pasta. Dat was de hele lijst, twee jaar lang.

Er zijn twee of drie dingen waarvan je zeker weet dat ze goed gaan. De rest blijft staan. Niet omdat hij vandaag geen zin heeft, maar omdat er iets is aan de geur, de kleur of het gevoel in zijn mond dat hij niet kan verdragen. Je hebt de tips gehad. Je hebt geprobeerd het niet te laten merken. Ergens onderweg hoorde je iemand het woord ARFID gebruiken.

Als je hier terechtkwam omdat je wilt weten of dat woord over jouw kind gaat, dan is dit de pagina waar ik hem zelf mee had willen beginnen.

Wat ARFID betekent

ARFID staat voor Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder. In het Nederlands: vermijdende of restrictieve voedselinnamestoornis. De term staat sinds 2013 in de DSM-5, het handboek waarmee behandelaars diagnoses stellen. Het beschrijft kinderen en volwassenen die zo weinig of zo eenzijdig eten dat het gevolgen heeft.

Die gevolgen zijn het onderscheidende deel. Om er werkelijk over te spreken moet er iets aan de hand zijn: onvoldoende groei of gewichtsverlies, een tekort aan voedingsstoffen, afhankelijkheid van sondevoeding of drinkvoeding, of het dagelijks leven dat er serieus door in de knel komt. Dat laatste onderschatten mensen. Een kind dat niet meer bij een vriendje kan blijven eten en een gezin dat geen dag meer normaal plant, dat valt daar ook onder.

Herkennen is iets anders dan vaststellen

Als ouder kun je patronen herkennen en kun je merken dat eten een probleem wordt. Wat je niet kunt, is een diagnose stellen. Dat kan alleen een arts, psycholoog of gespecialiseerd eetteam dat je kind ziet. Niet ieder kind dat weinig of eenzijdig eet, heeft ARFID.

Het verschil met kieskeurig eten

Bijna elk kind eet een periode eenzijdig. Dat gaat over. Bij een deel van de kinderen gaat het niet over. Daar begint dit onderwerp.

Kieskeurig eten is een fase die je met geduld en gewone maaltijden uitzit. Hier lukt dat niet, hoeveel geduld je ook hebt.

Wat je vaak ziet bij kinderen die eronder vallen: de lijst met veilige producten wordt korter in plaats van langer. Een product dat vorige maand nog ging, kan er zomaar af vallen. Eén verandering in de vorm, het merk of de bereiding is genoeg om het onbekend te maken. De reactie op iets nieuws is geen mopperen, maar echte weerstand: kokhalzen, overgeven, van tafel gaan, in paniek raken.

Nog een verschil dat vaak wordt vergeten: hierbij speelt het lichaamsbeeld geen rol. Dat is wat het onderscheidt van anorexia of boulimie, waarmee het regelmatig op één hoop wordt gegooid. Een kind van drie dat alleen witte boterhammen eet, is niet bezig met zijn gewicht. Hij vermijdt iets wat hij niet kan verdragen.

Drie patronen die vaak worden beschreven

Behandelaars beschrijven meestal drie motieven om eten te vermijden. Het zijn geen vakjes waarin een kind past. Ze komen door elkaar voor. Met de jaren kan verschuiven welk motief het zwaarst weegt.

Weinig belangstelling voor eten

Het kind heeft nauwelijks honger, vergeet te eten of raakt snel verzadigd. Eten is geen behoefte maar iets wat erbij komt.

Gevoeligheid voor prikkels

De structuur, de geur, de temperatuur of het geluid van eten is te veel. Dit is het patroon dat het vaakst wordt aangezien voor kieskeurigheid. Het is ook het patroon waar wij zelf mee te maken hadden. Het komt regelmatig samen voor met autisme of met een sterke sensorische gevoeligheid zonder verdere diagnose.

Angst na een vervelende ervaring

Na verslikken, hevig overgeven of pijn bij het eten kan een kind het verband leggen tussen eten en gevaar. Dat verband gaat niet weg door goed uit te leggen dat het meeviel.

Een lijstje herkennen is geen diagnose

Bijna elke ouder die dit leest, ziet iets van zijn kind terug. Dat zegt nog niets. Of hier werkelijk sprake van is, kan alleen worden vastgesteld door een arts, een psycholoog of een gespecialiseerd eetteam die je kind zien. Ik doe dat niet en online kan het niet.

Wanneer je er niet mee moet blijven zitten

Er is een verschil tussen zorgelijk en dringend. Ga naar je huisarts of jeugdarts als een van deze dingen speelt:

Wat er dan meestal volgt: de huisarts of jeugdarts kijkt naar groei en gezondheid en verwijst waar nodig door naar een diëtist, een preverbaal logopedist of een gespecialiseerd eetteam. Die wachttijden kunnen lang zijn. Dat is vervelend en het is geen reden om niet te beginnen, want vanaf de aanmelding gaat de wachttijd lopen.

Hoe het bij ons ging

Onze zoon kwam niet van zijn flesvoeding af. De stap naar vast eten lukte niet. Een blokje kaas, af en toe een fruithapje. Daar bleef het bij. Hij was mager en werd niet steviger. Na een buikgriep waar hij niets meer binnenhield belandde hij in het ziekenhuis. Daar kreeg hij zijn eerste sonde. Later werd het een mickeybutton, een voedingsknopje in zijn buik, met de pomp in de nacht.

Wij zijn in die jaren goed begeleid door verschillende ziekenhuizen en zorginstanties. Aan advies was geen gebrek. Wat we niet hadden was een volgorde: iets waarin je kon zien waar hij stond en wat er daarna kwam. Dat kwam pas bij een gespecialiseerd eetteam, na jaren wachtlijst, in de vorm van ontdeksessies. Van de eerste sessie tot de dag dat hij weer at, zat een kleine vier maanden.

Onze zoon heeft nooit een diagnose gekregen. Deze term niet en ook geen andere. In al die jaren is er geen enkel label op hem geplakt. Voor wat hij nodig had, maakte dat niets uit. Dat is ook waarom ik deze pagina niet afsluit met de vraag of jouw kind ARFID heeft.

Zoek je hulp voor jezelf?

Een deel van de mensen die dit lezen, zoekt informatie over zijn eigen eten en niet over dat van een kind. Voor jou is deze pagina niet geschreven en de cursus ook niet. Begin bij je huisarts; die kan je doorverwijzen naar zorg die wel bij je past. Dat je hierop zoekt, is een goed begin.

Zit je kind in de groep waarvoor ik dit maakte, dan kun je eerst zelf een deel van de cursus bekijken. Gratis, zonder dat je iets aanschaft.

Bekijk de proefles

Dit is geen medische of paramedische behandeling en het vervangt geen zorg. Bij sondevoeding, een ernstige groeivertraging of complexe medische voedingsproblematiek blijft de begeleiding van je behandelaar leidend.